Voor het eerst
Ambassadeur Stadsdiner

Dit jaar vindt er op 17 oktober voor de zevende keer op rij het Grote Utrecht Stadsdiner plaats. Op meer dan 60(!) locaties in de stad zullen dan honderden mensen op hetzelfde moment aan tafel te schuiven om een maaltijd en hun verhalen te delen.
Voor het eerst in de geschiedenis heeft de organisatie iemand als ambassadeur voor dit initiatief gezocht. De keuze viel op Hans Spekman. Die in de Nederlandse politiek en het vakbondswezen bekend staat als een originele strijdbare linkse rakker met het hart op de tong. In het verleden kwam hij in verschillende rollen op voor de kwetsbare mensen in onze maatschappij. Maar bovenal is hij natuurlijk een bekende Utrechter.
Spekman heeft aangegeven zijn rol als ambassadeur van het Stadsdiner met verve te willen vervullen en het te promoten waar hij kan. Jammer genoeg maakt zijn strijd tegen de huidige onmenselijke bezuinigingsplannen van dit kabinet het hem moeilijk om op één van de locaties van het Stadsdiner te verschijnen. Zijn agenda zit gewoon tjokvol.
Toch wisten wij hem een reactie te ontlokken over het thema van dit jaar: de kunst van het delen. Wat durf, mag en wil je delen? En wat niet? Wat delen we als stad, en als wijk? Wat delen we als mens?
“Utrecht is een prachtige stad. Maar niet voor iedereen. Sommige mensen hebben het zwaar. Mensen met een uitkering en ook mensen die werken. Met een bescheiden inkomen de maand zien rond te komen. Vaste lasten lopen door, boodschappen zijn duur. Je gunt je kinderen de wereld, maar loopt vast op onmogelijkheden.
Onze mooie stad heeft musea, restaurants, terrassen en heel veel meer. Maar voor wie?
Als we delen in onze stad belangrijk vinden dan kan dit diner niet het enige zijn. Het kan wel alle Utrechters wijzen op de verschillen. Die zijn soms juist heel mooi, maar soms ook onuitstaanbaar onrechtvaardig. Laten de mensen die bijvoorbeeld wat meer te besteden hebben, wat meer ozb betalen voor mensen met wat minder. En laat de gemeente het geld niet verstoppen in een bureaucratische soep maar in vertrouwen overmaken.”
“En wat ik niet wil delen? Mijn vrouw, kinderen en katten.”
